Vandaag een antwoord op de vraag van Kim:
- Ik volg nu al een tijdje een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet, maar mijn bloedsuikerspiegel die aan de hoge kant is, die daalt niet. Hoe kan dat?
Het dalen van je bloedsuikerspiegel
Je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) zal niet dalen, wanneer je lichaam niet goed in staat is om je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) te reguleren (wanneer je lichaam niet goed in staat is om je bloedsuikerspiegel onder een aanvaardbare bovengrens te houden en boven een aanvaardbare ondergrens te houden).
Dit is onder andere aan de orde, wanneer je lichaamscellen niet goed in staat zijn om glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in hun mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes).
Wanneer je lichaamscellen niet goed in staat zijn om glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in hun mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), dan zullen je lichaamscellen uitgeput raken van energie (uitgeput raken van het energie dragende molecuul ATP), zullen afvalstoffen in je lichaamscellen opstapelen, zullen je lichaamscellen niet in staat zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, zal het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen niet dalen en zal ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) niet dalen namelijk.
Dit betekent dat wanneer je bloedsuikerspiegel niet daalt, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet, je lichaamscellen tot nu toe niet goed in staat zijn geweest om glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in hun mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen uitgeput zijn geraakt van energie (uitgeput zijn geraakt van het energie dragende molecuul ATP), afvalstoffen in je lichaamscellen zijn opgestapeld, je lichaamscellen tot nu toe niet in staat zijn geweest om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline en het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen tot nu toe niet is gedaald.
De vorming van transferrine receptoren en transport eiwitten in en door je levercellen
Je lichaamscellen zullen enkel goed in staat zijn om glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in hun mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes). wanneer je lichaamscellen in staat zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen.
Enkel wanneer je lichaamscellen in staat zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, dan zullen je lichaamscellen transferrine receptoren tussen de fosfolipiden in hun celmembranen bezitten waarmee ze transferrine, een transport eiwit voor ijzer, receptor gemedieerd vanuit het extracellulaire milieu kunnen opnemen, kunnen je lichaamscellen over ijzer beschikken en zijn je lichaamscellen in staat om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes) namelijk.
Je lichaamscellen zullen enkel in staat zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, wanneer je lichaamscellen kunnen beschikken over voldoende opgeloste aminozuren (de verteringsproducten van eiwitten) die cellen nodig hebben om nieuwe eiwitten zoals receptoren en transport eiwitten te kunnen vormen.
Over voldoende opgeloste aminozuren (de verteringsproducten van eiwitten) die je lichaamscellen nodig hebben om nieuwe eiwitten zoals receptoren en transport eiwitten te kunnen vormen kunnen je lichaamscellen echter niet beschikken, wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende bronnen van eiwitten met essentiële aminozuren (aminozuren die je lichaam niet zelf kan vormen en voort moeten komen uit je voeding) daarin aanwezig levert en/of wanneer de eiwitten in je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding niet goed verteerd kunnen worden tot opgeloste aminozuren in je spijsverteringskanaal.
Dit betekent dat wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende bronnen van eiwitten met essentiële aminozuren (aminozuren die je lichaam niet zelf kan vormen en voort moeten komen uit je voeding) daarin aanwezig levert en/of wanneer de eiwitten in je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding niet goed verteerd kunnen worden tot opgeloste aminozuren in je spijsverteringskanaal, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, je lichaamscellen geen transferrine receptoren tussen de fosfolipiden in hun celmembranen zullen bezitten waarmee ze transferrine, een transport eiwit voor ijzer, receptor gemedieerd vanuit het extracellulaire milieu kunnen opnemen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om over ijzer te beschikken, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen uitgeput zullen raken van energie (uitgeput zullen raken van het energie dragende molecuul ATP), afvalstoffen in je lichaamscellen op zullen stapelen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen niet zal dalen en ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) niet zal dalen, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet.
Essentiële aminozuren
Essentiële aminozuren betreffen de volgende negen aminozuren:
- Histidine
- Lysine
- Tryptofaan
- Fenylalanine
- Leucine
- Isoleucine
- Methionine
- Valine
- Threonine
Dit betekent dat wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende bronnen van eiwitten levert die gezamenlijk al deze aminozuren bezitten of wanneer de vertering van de eiwitten in je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding tot opgeloste aminozuren in je spijsverteringskanaal niet goed verloopt, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, je lichaamscellen geen transferrine receptoren tussen de fosfolipiden in hun celmembranen zullen bezitten waarmee ze transferrine, een transport eiwit voor ijzer, receptor gemedieerd vanuit het extracellulaire milieu kunnen opnemen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om over ijzer te beschikken, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen uitgeput zullen raken van energie (uitgeput zullen raken van het energie dragende molecuul ATP), afvalstoffen in je lichaamscellen op zullen stapelen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen niet zal dalen en ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) niet zal dalen, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet.
De vertering van eiwitten tot opgeloste aminozuren in je spijsverteringskanaal
De vertering (de enzymatische splitsing) van eiwitten tot opgeloste aminozuren in je spijsverteringskanaal zal niet goed verlopen, wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende voorziet in vocht en onvoldoende voorziet in essentiële voedingsstoffen (voedingsstoffen die je lichaam niet zelf kan vormen en voort moeten komen uit je voeding), maar zal ook niet goed verlopen wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding teveel (naar verhouding) voorziet in niet-essentiële stoffen (stoffen die je lichaam zelf kan vormen en stoffen die belastend of toxisch zijn voor je lichaam).
Wanneer koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende voorziet in vocht en onvoldoende voorziet in essentiële voedingsstoffen (voedingsstoffen die je lichaam niet zelf kan vormen en voort moeten komen uit je voeding) en/of wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding teveel (naar verhouding) voorziet in niet-essentiële stoffen (stoffen die je lichaam zelf kan vormen en stoffen die belastend of toxisch zijn voor je lichaam), dan zullen de kliercellen in je lijf (de kliercellen in de wand van je spijsverteringskanaal en de kliercellen in je alvleesklier) die peptidasen (eiwitten die de vertering van de eiwitten in je voeding in je spijsverteringskanaal tot opgeloste aminozuren mogelijk maken) moeten vormen niet in staat zijn om deze te vormen, zullen deze kliercellen niet in staat zijn om peptidasen (eiwitten die de vertering van de eiwitten in je voeding in je spijsverteringskanaal tot opgeloste aminozuren mogelijk maken) af te geven richting je spijsverteringskanaal en zal ook de optimale zuurtegraad die peptidasen (eiwitten die de vertering van de eiwitten in je voeding in je spijsverteringskanaal tot opgeloste aminozuren mogelijk maken) nodig hebben om goed te kunnen werken ontbreken in je spijsverteringskanaal namelijk.
Dit betekent dat wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende voorziet in essentiële voedingsstoffen (voedingsstoffen die je lichaam niet zelf kan vormen en voort moeten komen uit je voeding), maar ook wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding teveel (naar verhouding) voorziet in niet-essentiële stoffen (stoffen die je lichaam zelf kan vormen en stoffen die belastend of toxisch zijn voor je lichaam), je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, je lichaamscellen geen transferrine receptoren tussen de fosfolipiden in hun celmembranen zullen bezitten waarmee ze transferrine, een transport eiwit voor ijzer, receptor gemedieerd vanuit het extracellulaire milieu kunnen opnemen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om over ijzer te beschikken, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen uitgeput zullen raken van energie (uitgeput zullen raken van het energie dragende molecuul ATP), afvalstoffen in je lichaamscellen op zullen stapelen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen niet zal dalen en ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) niet zal dalen, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet.
Essentiële voedingsstoffen
Essentiële voedingsstoffen betreffen de volgende voedingsstoffen:
- Alle vitamines (zowel water oplosbare als vet oplosbare varianten).
- Zes specifieke mineralen (calcium, magnesium, fosfor, kalium, natrium en chloride).
- Negen specifieke spoorelementen (ijzer, jodium, koper, kobalt, zink, selenium, mangaan, molybdeen en chroom).
- Negen specifieke aminozuren (histidine, lysine, tryptofaan, fenylalanine, leucine, isoleucine, methionine, valine en threonine).
- Twee specifieke vetzuren (linolzuur en alfalinoleenzuur).
Voedingsmiddelen die bovengenoemde voedingsstoffen volop bezitten en ook vocht bezitten betreffen:
- Verse groenten.
- Vers fruit.
- Ei, mager vlees, magere vis en magere, naturel (aangezuurde) dierlijke zuivel of soja producten (in zo min mogelijk bewerkte en niet te sterk verhitte/ongebrande vorm).
- Noten, zaden, pitten, algen, wieren en vette vis (in zo min mogelijk bewerkte en rauwe/onverhitte vorm).
Niet-essentiële stoffen betreffen de volgende voedingsstoffen:
- Enkelvoudige suikers (zoals glucose, fructose en galactose).
- Alle overige aminozuren (die hierboven niet genoemd worden).
- Alle overige vetzuren (die hierboven niet genoemd worden).
- Cholesterol.
- Alle overige mineralen en spoorelementen (die hierboven niet genoemd worden).
- Voedingsstoffen die aanwezig zijn in voedingsmiddelen die een sterk bewerkingsproces of sterk verbrandingsproces hebben ondergaan (en daardoor al allerhande biochemische reacties hebben ondergaan, waardoor ze hun oorspronkelijke structuur en functie hebben verloren en belastend of toxisch zijn geworden).
Dit betekent dat wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding onvoldoende voorziet in bovengenoemde voedingsmiddelen, maar ook wanneer je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding teveel (naar verhouding) voorziet in andere voedingsmiddelen of voedingsmiddelen die een sterk bewerkingsproces of verbrandingsproces hebben doorgemaakt (en daardoor vele stoffen bezit die niet in je lijf mogen belanden), je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om transferrine receptoren (membraan gebonden eiwitten die de receptor gemedieerde opname van transferrine, een transport eiwit voor ijzer, vanuit het extracellulaire milieu mogelijk maken) en transport eiwitten (membraan gebonden eiwitten die het transport van transferrine receptoren door de membranen van je lichaamscellen richting het extracellulaire milieu mogelijk maken) te vormen, je lichaamscellen geen transferrine receptoren tussen de fosfolipiden in hun celmembranen zullen bezitten waarmee ze transferrine, een transport eiwit voor ijzer, receptor gemedieerd vanuit het extracellulaire milieu kunnen opnemen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om over ijzer te beschikken, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen uitgeput zullen raken van energie (uitgeput zullen raken van het energie dragende molecuul ATP), afvalstoffen in je lichaamscellen op zullen stapelen, je lichaamscellen niet in staat zullen zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen niet zal dalen en ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) niet zal dalen, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet.
(Bel/video)consult
Daalt je bloedsuikerspiegel niet, ondanks het volgen van een koolhydraatarm (een suikerarm) dieet en wil je leren hoe je m.b.v. je koolhydraatarme (suikerarme) dieetvoeding ervoor kan zorgen dat je lichaamscellen beter t.o.v. eerder in staat zullen zijn om met behulp van ijzer houdende eiwitten genaamd cytochromen glucose aeroob (samen met zuurstof) te verbranden in mitochondriën (in hun membraan omhulde energiefabriekjes), je lichaamscellen meer energie (meer van het energie dragende molecuul ATP) t.o.v. eerder zullen bezitten, afvalstoffen minder t.o.v. eerder in je lichaamscellen op zullen stapelen, je lichaamscellen beter t.o.v. eerder in staat zullen zijn om glucose vanuit het extracellulaire milieu (vanuit de buitenwereld) op te nemen onder invloed van het hormoon insuline, het glucose gehalte in het extracellulaire milieu (in de buitenwereld) van je lichaamscellen vaker t.o.v. eerder zal dalen en ook je bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in de bloedsomloop) zal dalen?
Vraag je dan een (bel/video) consult aan, want ik help daar graag bij!
www.personalweightloss.nl/gratis-en-vrijblijvend-advies/




Add comment